Vrijdag 15 april 2016

Prijsfout op website

LCD-televisies voor maar 99 euro per stuk! Ze werden aangeboden op de website van OTTO. Het was een erg aantrekkelijke prijs voor een 32 inch model, zo goedkoop vond je ze nergens. Destijds lag de prijs van een LCD-tv namelijk een stuk hoger. Helaas bleek het om een prijsfout te gaan. OTTO wilde de tv’s helemaal niet voor 99 euro per stuk verkopen en al snel werd de verkeerde prijs van de website gehaald. In de tussentijd had een groot aantal mensen deze tv besteld voor de foute lage prijs. Het systeem van OTTO had de bestellingen automatisch verwerkt en er werd ook een bevestiging naar de kopers gestuurd. Moest OTTO de tv’s hierdoor dan toch voor de lage prijs verkopen? Deze vraag werd beantwoord in het arrest: Postwanorder/OTTO.

De partijen

In deze zaak waren er twee partijen. Aan de ene kant stond webwinkel OTTO en aan de andere kant stonden de kopers van de tv. OTTO had laten weten dat het om een vergissing ging. De prijs was bedoeld voor tv-beugels. Juristen spreken in zo’n situatie van “een wil die niet overeenkomt met de verklaring”. De kopers waren echter van mening dat er een geldige overeenkomst tot stand was gekomen nu het systeem van OTTO een bevestiging had gestuurd. De kopers stonden erop dat OTTO de tv alsnog leverde. Wie kreeg er gelijk?

Oordeel van de rechter

De rechter oordeelde dat er in deze zaak geen sprake was van een geldige overeenkomst. Ten eerste omdat OTTO de tv’s niet voor deze prijs heeft willen verkopen. Ten tweede omdat de koper er niet op kon vertrouwen dat de prijs klopte. De normale prijs lag destijds namelijk boven de duizend euro. Voor de koper zou het onmiddellijk duidelijk moeten zijn geweest dat het om een prijsfout ging. Kon de koper in dit geval zeggen dat er sprake was van gerechtvaardigd vertrouwen? In andere woorden: mocht de koper erop vertrouwen dat de prijs van 99 euro klopte? Als dit het geval is, dan was er wél een geldige overeenkomst tot stand gekomen en moest OTTO de tv’s voor de lage prijs verkopen.

Om te beoordelen of er gerechtvaardigd is vertrouwd, kijkt de rechter vanuit de ogen van een ‘gemiddelde consument’. Als jij een tv gaat kopen, dan oriënteer je je van tevoren op de prijs. In dit geval moesten de kopers weten dat de gemiddelde prijs voor een Philips LCD-televisie van 32 inch nooit 99 euro kon zijn. Ook waren er volgens de rechter geen aanduidingen die wezen op een stuntaanbieding.

De prijs van 99 euro verschilde te veel van de normale prijs van deze tv’s. Er kon daarom geen sprake zijn van gerechtvaardigd vertrouwen bij de koper en er was dus geen sprake van een geldige overeenkomst.

Wie had er dus gelijk?

Er hadden alarmbellen moeten rinkelen bij de koper bij het zien van de prijsfout in de vorm van de veel te lage prijs. De koper had OTTO kunnen bellen om navraag te doen over de prijs. Het prijsverschil was veel te groot, zodat er geen sprake van gerechtvaardigd vertrouwen kon zijn bij de kopers. In deze zaak hoefde OTTO de tv’s dan ook niet te leveren.

(78)