Woensdag 27 april 2016

Wat is een Europese richtlijn?

Wanneer je naar het journaal kijkt of nieuwsberichten op Facebook leest, is het je vast niet ontgaan dat er vaak over de Europese Unie gesproken wordt. De Europese Unie is het belangrijkste samenwerkingsverband van Europa en Nederland is één van de 28 deelnemende landen. De afspraken tussen de lidstaten worden in verdragen vastgelegd. Eén van de verdragen is het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). Zoals de naam al aangeeft, regelt dit verdrag de werking van de Europese Unie en bepaalt het de gebieden, de afbakening en de voorwaarden van uitoefening van haar bevoegdheden. Omdat de verdragen alleen een raamwerk bevatten voor de samenwerking, is nadere regelgeving hierover nodig. Voorbeelden van nadere regelgeving zijn verordeningen en de Europese richtlijn.

Gericht tot de lidstaat

In artikel 288 VWEU wordt de richtlijn genoemd: ’’Een richtlijn is verbindend ten aanzien van het te bereiken resultaat voor elke lidstaat waarvoor zij bestemd is, doch aan de nationale instanties wordt de bevoegdheid gelaten vorm en middelen te kiezen.’’ Dit is een hele mond vol, maar wat wordt hier nu eigenlijk mee bedoeld?

Een richtlijn richt zich in eerste instantie tot een lidstaat en niet tot de burger. Lidstaten moeten richtlijnen binnen een bepaalde termijn omzetten in nationale wetgeving. Dit wordt de implementatietermijn genoemd. Het doel van een richtlijn is ervoor zorgen dat wetgeving van de lidstaten wordt geharmoniseerd, op één lijn worden gebracht. De methode om dit te bereiken, wordt aan de lidstaten zelf overgelaten.

Rechtstreekse werking

Als een lidstaat de richtlijn inhoudelijk goed en op tijd heeft omgezet, is alleen nog de aangepaste nationale wetgeving van belang. Er hoeft dan bijvoorbeeld door rechters niet meer naar de richtlijn zelf te worden gekeken. Het kan voorkomen dat een lidstaat een richtlijn te laat of niet goed heeft omgezet. Het gevolg hiervan is dat inwoners (zoals jij en ik) en ondernemingen een beroep kunnen doen op de richtlijn bij de nationale rechter. De richtlijn heeft dan rechtstreekse werking. Het Hof van Justitie heeft hierbij aangegeven dat een richtlijn alleen rechtstreekse werking heeft als de richtlijnbepaling onvoorwaardelijk en voldoende nauwkeurig is geformuleerd. Is er te laat omgezet, dan moet de Europese richtlijn zelf worden nageleefd of de nationale wetgeving moet in het licht van de Europese richtlijn uitgelegd worden.

Verticale rechtstreekse werking

Een richtlijn heeft alleen ‘verticale rechtstreekse werking’ en geen ‘horizontale rechtstreekse werking’. Verticale rechtstreekse werking betekent dat er alleen een beroep gedaan kan worden op een richtlijnbepaling tegenover de overheid en niet tegenover een andere burger of bedrijf, zoals bij horizontale rechtstreekse werking.

Verordeningen

Anders dan een richtlijn heeft een verordening wel rechtstreekse werking. Een verordening kan dus zonder tussenkomst van een nationale instantie of een Europese instelling rechten en plichten scheppen voor inwoners. Omdat een verordening rechtstreekse werking heeft, is het verboden voor lidstaten om verordeningen om te zetten in nationaal recht. De lidstaten moeten een verordening dus letterlijk overnemen om verschillen tussen de lidstaten te voorkomen. Verordeningen komen dan ook minder vaak voor dan richtlijnen omdat een lidstaat bij het implementeren van een richtlijn meer ruimte heeft.

Bronnen:

Boom Basics: Europees recht (zesde druk)

(89)